Naar de inhoud
Home & etc.

De tuin van Beau van Erven Dorens en zijn Amsterdamse stadsoase

M
Martine van den Berg
19 juni 2026 · 4 min lezen
Tuin en terras

Wie wel eens naar Casa di Beau heeft gekeken, kent het beeld: Beau van Erven Dorens met een glas wijn in een groene binnentuin, omringd door bakstenen muren en klimplanten. Zijn huis en de bijbehorende tuin zijn een terugkerend element in zijn programma’s geworden — en juist die tuin is een mooi voorbeeld van wat je met een typisch Amsterdamse stadstuin kan doen als je er aandacht aan besteedt. In dit artikel kijken we naar de stijl, de keuzes en wat je er zelf van kunt leren voor je eigen kleine tuin.

Amsterdamse stadstuin
Een typisch Amsterdamse stadstuin. Foto: Unsplash (illustratie, niet de tuin van Beau zelf)

Wie is Beau van Erven Dorens

Beau (1970) is presentator, schrijver en programmamaker, bekend van talkshows als RTL Late Night, Beau op RTL en de doe-mee-format-series The Amsterdam Project en The Rotterdam Project. Hij woont met zijn gezin in Amsterdam, en sinds een paar jaar fungeert zijn eigen huis ook als opname-locatie voor het programma Casa di Beau — een sfeerprogramma waarin hij gasten ontvangt rond een eettafel of, bij goed weer, in de tuin.

Het type tuin dat hoort bij een Amsterdams stadshuis

De tuinen die je in oudere Amsterdamse pandjes vindt, hebben bijna allemaal hetzelfde uitgangspunt: smal, lang, omsloten door bakstenen muren van vijf of zes meter hoog. Vaak een meter of vier breed en tien tot twintig meter lang. Dat lijkt klein, maar met de juiste indeling werkt zo’n tuin verbluffend goed — juist door het ommuurde gevoel ontstaat er een soort buitenkamer.

Klimop, blauweregen en hortensia’s tegen de muur

Een van de slimste keuzes voor zo’n stadstuin is de horizontale ruimte verticaal benutten. Klimplanten als blauweregen, hedera (klimop), of klimrozen vullen die hoge bakstenen muren binnen twee, drie jaar volledig op met groen. Dat geeft je tuin een groen plafond zonder dat de grondoppervlakte er onder lijdt. Hortensia’s of acanthus tegen de muur in grote potten doen iets vergelijkbaars op heuphoogte.

De gezellige zitplek als hart van de tuin

In Casa di Beau zie je het terugkomen: een lange houten tafel, simpele stoelen, en een paar sfeerlampen die in de avond aangaan. Niet bijzonder duur en niet bijzonder ontworpen — maar wél goed gepositioneerd. De zitplek staat meestal achterin de tuin, zodat je vanuit het huis door de hele tuin heen kijkt en zo de ruimte optisch verdubbelt.

Voor wie thuis een vergelijkbare tuin heeft: zet je grootste zitelement bewust achterin, niet pal achter de keukendeur. Dat gebruikelijke “terras-tegen-de-achtergevel” laat je tuin kleiner aanvoelen, niet groter.

Sfeer in de avond: lampen, kaarsen en niet te veel

Een ander terugkerend element in beelden van zijn tuin: zachte avondverlichting. Niet één felle buitenlamp, maar meerdere kleine puntjes. Snoeren met lampjes door de hederabladeren, een paar grondlampjes die de muur bestralen, kaarsen op de tafel. Het effect is dat je tuin bij donker een eigen sfeerruimte wordt — een tweede woonkamer met sterren als plafond.

Wat je kunt overnemen voor je eigen kleine tuin

Het mooie aan een tuin als deze is dat de principes zich vrijwel één-op-één laten kopiëren, ook als je niet in Amsterdam woont. Drie dingen vooral: maak je muren groen met klimplanten, plaats je zit ver van het huis, en investeer in sfeerverlichting in plaats van in dure tuinmeubels. Een goede stadstuin staat of valt met die drie keuzes — niet met het budget.

Het programma als kijkje achter de schermen

Voor wie zich meer wil verdiepen in hoe Beau zijn huis en tuin gebruikt, is Casa di Beau bij Videoland of NPO Start het beste startpunt. Het is geen interieurprogramma in de strikte zin — het gaat over de gasten en de gesprekken — maar de tuin en het huis zelf zijn een terugkerend personage in de serie. Wij kijken vooral mee voor de sfeer, en pakken er stiekem inrichtingsideeën uit op.

Bronnen: openbare interviews en publiekelijk uitgezonden beelden van Beau van Erven Dorens. Specifieke details over locatie of inrichting kunnen veranderd zijn na opname.

De typische beplanting voor schaduwrijke binnenhoven

Een Amsterdamse binnentuin ligt vaak in schaduw — de hoge bakstenen muren laten maar enkele uren zon door. Dat lijkt een nadeel maar opent juist mooie plantkeuzes. Hosta’s (functia), varens, anemonen en astilbe doen het hier uitstekend, en geven met hun grote bladeren een groene weelderigheid die je in zonnige tuinen minder makkelijk haalt. Veel Amsterdamse stadstuinen kiezen voor deze schaduwminners als ruggengraat, met seizoensbollen voor accenten.

Een waterelement zonder grote vijver

In het beeld dat Beau toont van zijn tuin keert ook het geluid van water terug — en dat is een klein truc-element dat voor opmerkelijke sfeerverbetering zorgt. Voor een stadstuin hoef je geen grote vijver te graven (vaak ook niet toegestaan vanwege wortels en muren), maar een klein staand fontein-element van rond de €150 doet wonderen. Het maskeert het achtergrondgeluid van de stad en geeft een rustpunt in de tuin. Wij hebben er thuis één geplaatst en die zit dagelijks aan.

Lees verder